Nederland heeft een van de beste pensioenstelsels ter wereld. We hebben AOW en veel werknemers bouwen pensioen op via hun werk. Maar het pensioenstelsel stamt uit de jaren vijftig van de vorige eeuw. In de tussentijd is er veel veranderd. We worden gemiddeld steeds ouder. En we werken niet meer ons hele leven bij één werkgever, maar veranderen vaker van baan of zijn ondernemer.
Pensioenfondsen moeten nu forse vermogens aanhouden om iedereen de pensioenuitkering te kunnen geven die vooraf is beloofd. Aan deze vermogens zijn strenge voorwaarden verbonden. Als gevolg hiervan hebben de pensioenen een lange periode niet meer kunnen meestijgen met de prijzen.
Daarom heeft het kabinet samen met werknemers- en werkgeversorganisaties in 2019 een pensioenakkoord gesloten met nieuwe afspraken over pensioenen en AOW.
De Wet toekomst pensioenen is op 1 juli 2023 ingegaan. Alle pensioenregelingen moeten uiterlijk vóór 1 januari 2028 zijn aangepast. Zodra er meer duidelijkheid is over je persoonlijke situatie informeren we je zo snel mogelijk.
Het kabinet heeft samen met werknemers- en werkgeversorganisaties een pensioenakkoord gesloten met nieuwe afspraken over pensioenen en AOW. Die moeten het pensioenstelsel transparanter en persoonlijker maken. In de onderstaande video’s wordt uitgelegd waarom er een nieuw pensioenstelsel komt en wat het nieuwe pensioenstelsel voor jou betekent.
De hoogte van de leeftijd waarop je recht krijgt op een uitkering van de Algemene Ouderdomswet (AOW) is gekoppeld aan de ontwikkeling van de levensverwachting. Als de levensverwachting stijgt, dan stijgt ook de AOW-leeftijd. In het pensioenakkoord is afgesproken dat de AOW-leeftijd minder snel stijgt dan de levensverwachting.
De AOW-leeftijd komt in 2024 uit op op 67 jaar. De AOW-leeftijd is gekoppeld aan de levensverwachting.
De AOW leeftijd is de komende jaren als volgt vastgesteld:
2024: 67 jaar
2025: 67 jaar
2026: 67 jaar
2027: 67 jaar
2028: 67 jaar en 3 maanden
Ben je benieuwd naar jouw AOW-leeftijd? Kijk dan op https://www.svb.nl/aowleeftijd
In het nieuwe pensioenstelsel is je pensioenregeling een premieovereenkomst (DC-regeling). Bij een premieovereenkomst staat niet de pensioenuitkering, maar de maandelijkse premie vast.
Een uitkeringsovereenkomst (DB-regeling) is een pensioenregeling waarbij afspraken zijn gemaakt over de hoogte van je pensioenuitkering. Deze beloofde ‘vaste’ pensioenuitkering is afhankelijk van het aantal dienstjaren en het verdiende salaris. Je weet hoe hoog je pensioenuitkering is als je met pensioen gaat. Elk jaar bouw je een deel van je pensioen op. De meest voorkomende uitkeringsovereenkomst is een Middelloonregeling. Hierbij hangt de hoogte van het pensioen af van het aantal jaren dat je in dienst bent bij je werkgever en de hoogte van je gemiddelde salaris tijdens deze periode.
Een premieovereenkomst (DC-regeling) is een pensioenregeling waarbij afspraken zijn gemaakt over welke premie er betaald wordt. Dit wordt ook wel beschikbare premieregeling genoemd. Deze premie wordt belegd. De opbrengst is niet zeker. Vooraf weet je dus niet hoe hoog je uiteindelijke pensioen zal zijn. Met de inleg en de opbrengst van je beleggingen koop je op je pensioendatum een pensioenuitkering aan. Gaat het goed met de beleggingen? Dan krijg je een hoger pensioen. Gaat het niet goed met de beleggingen? Dan is er meer kans op een lager pensioen.
Solidaire en Flexibele regeling
Vanaf 2028 bestaan er alleen nog premieregelingen. Bij een premieregeling staat het betalen van de premie centraal. De uitkering is dan niet meer vast. Door de premiebetaling en de opbrengsten van het beleggen van die premie ontstaat een persoonlijk pensioenvermogen. Het persoonlijk pensioenvermogen wordt vanaf de pensioendatum omgezet in een uitkering. De hoogte van de uitkering beweegt mee met de hoogte van het persoonlijk pensioenvermogen. Daardoor kan de uitkering stijgen bij goede opbrengsten van de beleggingen, en dalen bij tegenvallende opbrengsten van de beleggingen.
Er komen twee verschillende varianten van de premieregeling. Sociale partners zullen een keuze maken voor:
▪ een Solidaire regeling waarbij er sprake is van collectieve beleggingen of
▪ een Flexibele regeling waarbij er sprake is van individuele beleggingen.
De beleggingsrisico’s zijn in beide regelingen voor rekening van de deelnemer .
De pensioenpremie wordt voor iedereen gelijk. De pensioenopbouw is daarmee per leeftijd ongelijk. Jongeren bouwen voor dezelfde premie meer pensioen op dan ouderen.
Doordat de pensioenen niet meer gegarandeerd zijn, hoeven er minder buffers te worden aangehouden. Daarom kunnen de pensioenen eerder verhoogd worden.
Het bedrag ineens kun je opnemen op je pensioeningangsdatum of uitgesteld naar de maand januari van het jaar volgend op het jaar waarin je de AOW-leeftijd bereikt. Bij uitstel betaal je mogelijk minder belasting en premies.
De keuze voor een uitgestelde uitkering van het bedrag ineens kan alleen als de pensioendatum samenvalt met de AOW-datum. Over het bedrag ineens dat je opneemt wordt direct belasting en sociale premies ingehouden. Je belastbaar inkomen stijgt en mogelijk kom je in een hoger belastingtarief. Een bedrag ineens kan ook betekenen dat je minder of geen toeslagen zoals huurtoeslag of zorgtoeslag krijgt. Ook kan je eigen bijdrage voor de Zorgverzekeringswet omhoog gaan. Laat je dus goed adviseren door een financieel adviseur.
Vanaf 2024 wordt het waarschijnlijk mogelijk om een deel (maximaal 10%) van het opgebouwde pensioen in één keer op te nemen als je met pensioen gaat. Bijvoorbeeld om je hypotheek af te lossen. Dit heeft wel invloed op je resterende levenslange pensioenuitkering, die wordt daardoor lager.
Beter partnerpensioen
Partnerpensioen is het pensioen dat jouw partner ontvangt nadat jij bent overleden. Je kunt overlijden vóór je pensioendatum of erna. De afgelopen jaren zijn er veel verschillende varianten ontstaan van het partnerpensioen. Daardoor is het ingewikkeld geworden. Deelnemers weten vaak niet wat het betekent voor het partnerpensioen als zij een nieuwe baan krijgen of gaan scheiden. Zo denken achterblijvende partners soms recht te hebben op een partnerpensioen, terwijl dat niet altijd zo is. Dit hangt af van de pensioenregeling. Met de afspraken in het pensioenakkoord worden de regels eenvoudiger gemaakt.
Partnerpensioen bij overlijden vóór de pensioendatum
Het is de bedoeling dat er straks slechts één type partnerpensioen is. Als iemand overlijdt terwijl hij deelnemer is in een pensioenregeling heeft de partner voortaan recht op maximaal 50% van het salaris. Zo wordt het voor deelnemers duidelijk welk bedrag de partner ontvangt als de deelnemer overlijdt terwijl hij nog in dienst is.
Verander je van baan dan vervalt het partnerpensioen. Wellicht kan je bij het einde van je dienstverband een deel van je ouderdomspensioen uitruilen voor partnerpensioen. Dat partnerpensioen blijft dan wel bestaan.
Partnerpensioen bij overlijden na de pensioendatum
Als iemand overlijdt na de pensioendatum, stopt het ouderdomspensioen. Vaak gaat dan het partnerpensioen in. Op de pensioendatum moet je hierover afspraken maken. Vaak wordt gekozen voor een partnerpensioen dat 70% is van het ouderdomspensioen. In het nieuwe stelsel blijft dit zo.
Je kunt natuurlijk zelf bepalen om eerder met pensioen te gaan. Je vervroegt dan je pensioen en je pensioen wordt dan lager. Dit komt omdat het langer wordt uitgekeerd en er geen opbouw meer plaatsvindt. Het mes snijdt dan aan twee kanten. Dat is financieel niet voor iedereen haalbaar en soms is het ook fysiek niet haalbaar om tot de pensioendatum door te werken. Daarom komt het pensioenakkoord met een aantal maatregelen:
De overheid bepaalt niet welke beroepen vallen onder ‘zware beroepen’. Elke sector kan dit zelf bepalen. Zij kunnen vervolgens subsidie aanvragen om duurzame inzetbaarheid en eerder stoppen met werken mogelijk te maken. Het pensioenakkoord voorziet in ondersteuning bij vervroegd uittreden en in maatregelen ter bevordering van duurzame inzetbaarheid, zoals de RVU (Regeling Vervroegd Uittreden) en verlofsparen.
Een wijziging in het pensioenstelsel is een grote klus, waardoor er ook veel tijd nodig is om alles zorgvuldig door te voeren. De nieuwe pensioenregels zijn per 1 juli 2023 ingevoerd. Uiterlijk per
1 januari 2028 moeten pensioenfondsen, zoals Het Nederlandse Pensioenfonds, voldoen aan deze nieuwe pensioenregels.
In het nieuwe pensioenstelsel bouwt iedereen pensioen op volgens de regels van het nieuwe pensioenstelsel. De bedoeling van de wetgever is dat het pensioen dat al is opgebouwd onder het huidige stelsel wordt overdragen naar het nieuwe pensioensysteem, het zogeheten ‘invaren’. Ook de pensioenen van de gepensioneerden worden ingebracht in de nieuwe regeling.
Het invaren zal plaatsvinden op verzoek van sociale partners. Het bestuur zal beoordelen of dit evenwichtig is.
Deelnemers kunnen hier individueel geen bezwaar tegen maken, maar het belanghebbendenorgaan van de pensioenkring heeft zeggenschap met betrekking tot het invaren.
Het Nederlandse pensioenstelsel gaat veranderen. Er komt een nieuwe wet, de Wet toekomst pensioenen. In deze wet staat hoe de pensioenregelingen in Nederland eruit gaan zien. Dit heeft ook gevolgen voor de pensioenregeling bij Arcadis.
Premieregeling
In de nieuwe pensioenregelingen spreken de werkgever en de vakbonden af hoeveel premie er jaarlijks voor het pensioen wordt betaald. Deze premie wordt afgedragen aan het pensioenfonds. Hoeveel pensioen u daar later voor krijgt ligt niet vast, zoals in de huidige pensioenregeling. Het pensioen is bijvoorbeeld afhankelijk van beleggingsrendementen en de gemiddelde levensverwachting. Het pensioenfonds belegt deze premies en houdt voor iedere deelnemer bij hoe groot zijn of haar deel is van het pensioenvermogen.
Volgens het wetsvoorstel zijn er straks twee soorten premieregelingen. Er is een variant met meer risicodeling, de solidaire premieregeling en een variant met meer individuele beleggingsvrijheid, de flexibele premieregeling.
Solidaire premieregeling
Arcadis heeft de afgelopen periode overleg met de vakbonden gevoerd. De uitkomst van dit overleg heeft geleid tot de keuze voor de Solidaire premieregeling. Bij die keuze is het deelnemersonderzoek risicobereidheid betrokken dat eind 2022 is uitgevoerd in opdracht van Het Nederlandse Pensioenfonds. De medewerkers van Arcadis hebben daarin aangegeven wat zij belangrijk vinden in een nieuwe pensioenregeling.
In de pensioenkrant van deze zomer en in de uitkomst risico-onderzoek Pensioenkring Arcadis zijn de resultaten van dit onderzoek vermeld.
In de solidaire premieregeling worden de pensioenpremies collectief belegd en worden risico’s gedeeld. De solidaire premieregeling ligt daarmee het meest in lijn met de huidige regeling van Arcadis. De beleggingsresultaten worden via vooraf vastgestelde regels leeftijdsafhankelijk toegekend. Vanaf de pensioendatum ontvangt iedereen een variabele uitkering. Deze uitkering kan hoger uitvallen als de beleggingsresultaten goed zijn. Maar als de resultaten tegenvallen, kan de uitkering dalen.
Een belangrijk onderdeel van de solidaire premieregeling is de solidariteitsreserve. Dit is een buffer om tegenvallende beleggingsresultaten op te vangen.
Arcadis gaat nu samen met de vakbonden de regeling verder uitwerken en zal de medewerkers van Arcadis op de hoogte houden van de besluiten die samen met de vakbonden genomen worden. De start van de nieuwe pensioenregeling is gepland op 1 januari 2026.
Per 1 juli heeft HNPF de pensioenen bij Pensioenkring Arcadis met 5,71% verhoogd. Deze verhoging is mogelijk door een tijdelijke versoepeling van de indexatieregels en is een eerste stap in de richting van het nieuwe pensioenstelsel.
De verhoging van 5,71% is gebaseerd op de stijging van de prijzen in de periode december 2020 tot december 2021*. Klik hier voor een toelichting op de generatie-effecten.
Het indexatiemoment bij Pensioenkring Arcadis is 1 juli. Het indexatiemoment bij Pensioenkring OWASE, Pensioenkring Sweco, Pensioenkring Randstad Groep en Collectiviteitkring 1 is 1 januari 2023.
Het bestuur van HNPF neemt daarom voor deze kringen in het najaar een besluit over indexatie.
*CBS-consumenten prijsindexcijfer (alle bestedingen) berekend over de maand december 2020 ten opzichte van de maand december 2021
Dit was een van de vragen in een groot onderzoek dat Motivaction eind vorig jaar voor ons heeft uitgevoerd onder de deelnemers en gepensioneerden van Pensioenkring OWASE. Met de komst van het nieuwe pensioenstelsel moeten sociale partners en wij als pensioenfonds een aantal belangrijke keuzes maken. Daarom willen we inzicht hebben in de wensen en behoeften van onze deelnemers wat betreft beleggingsrisico’s en duurzaam beleggen.
16% van de gepensioneerde deelnemers en 10% van de actieve deelnemers van Pensioenkring OWASE hebben aan het onderzoek meegewerkt. Hartelijk dank daarvoor!
Hieronder treft u een samenvatting van de uitkomsten van het onderzoek over de risicobereidheid aan.
Dit was een van de vragen in een groot onderzoek dat Motivaction eind vorig jaar voor ons heeft uitgevoerd onder de deelnemers en gepensioneerden van Pensioenkring Sweco. Met de komst van het nieuwe pensioenstelsel moeten sociale partners en wij als pensioenfonds een aantal belangrijke keuzes maken. Daarom willen we inzicht hebben in de wensen en behoeften van onze deelnemers wat betreft beleggingsrisico’s en duurzaam beleggen.
25% van de gepensioneerde deelnemers en 15% van de actieve deelnemers van Pensioenkring Sweco hebben aan het onderzoek meegewerkt. Hartelijk dank daarvoor!
Hier treft u een samenvatting van de uitkomsten van het onderzoek over de risicobereidheid aan.
Dit was een van de vragen in een groot onderzoek dat Motivaction eind vorig jaar voor ons heeft uitgevoerd onder de deelnemers en gepensioneerden van Pensioenkring Randstad Groep. Met de komst van het nieuwe pensioenstelsel moeten sociale partners en wij als pensioenfonds een aantal belangrijke keuzes maken. Daarom willen we inzicht hebben in de wensen en behoeften van onze deelnemers wat betreft beleggingsrisico’s en duurzaam beleggen.
27% van de gepensioneerde deelnemers en 6% van de vroegere deelnemers van Randstad Pensioenfonds hebben aan het onderzoek meegewerkt. Hartelijk dank daarvoor!
Hieronder treft u een samenvatting van de uitkomsten van het onderzoek over de risicobereidheid aan.
Dit was een van de vragen in een groot onderzoek dat Motivaction eind vorig jaar voor ons heeft uitgevoerd onder de deelnemers en gepensioneerden van Pensioenkring Arcadis. Met de komst van het nieuwe pensioenstelsel moeten sociale partners en wij als pensioenfonds een aantal belangrijke keuzes maken. Daarom willen we inzicht hebben in de wensen en behoeften van onze deelnemers wat betreft beleggingsrisico’s en duurzaam beleggen.
21% van de gepensioneerde deelnemers en 14% van de actieve deelnemers van Pensioenkring Arcadis hebben aan het onderzoek meegewerkt. Hartelijk dank daarvoor!
Hieronder treft u een samenvatting van de uitkomsten van het onderzoek over de risicobereidheid aan.
Dit was een van de vragen in een groot onderzoek dat Motivaction eind vorig jaar voor ons heeft uitgevoerd onder de deelnemers en gepensioneerden van Collectiviteitkring 1. Met de komst van het nieuwe pensioenstelsel moeten sociale partners en wij als pensioenfonds een aantal belangrijke keuzes maken. Daarom willen we inzicht hebben in de wensen en behoeften van onze deelnemers wat betreft beleggingsrisico’s en duurzaam beleggen.
13% van de gepensioneerde deelnemers en 11% van de actieve deelnemers van Collectiviteitkring 1 hebben aan het onderzoek meegewerkt. Hartelijk dank daarvoor!
Hieronder treft u een samenvatting van de uitkomsten van het onderzoek over de risicobereidheid aan.
Waarom Het Nederlandse Pensioenfonds een aantrekkelijke keuze is in het nieuwe pensioenstelsel lees je hier in de uitgebreide toelichting van Francis van Bergenhenegouwen, directeur van het bestuursbureau van Het Nederlandse Pensioenfonds.
“Waarom tot 2027 wachten met de transitie naar het nieuwe pensioenstelsel? Je kunt nu al ontzorgd worden als je je aansluit bij Het Nederlandse Pensioenfonds. Zo bespaar je energie, kosten, profiteer je van schaalvoordelen bij beleggen en hou je toch zeggenschap over je pensioenregeling en het invaren,” zegt Francis van Bergenhenegouwen, directeur van Het Nederlandse Pensioenfonds.
Meer lezen? Klik hier en lees het hele interview in Pensioen Bestuur & Management, jaargang 18, nr. 2, maart 2021.